Boogschieten

Posted in Boogschieten

Ongeacht of het voor de jacht, de oorlog of de sport is, het doel bij boogschieten is hetzelfde: de schutter moet pijlen afschieten om een doel verderop te raken. Vroeger was de boog een jacht- en oorlogswapen, maar tegenwoordig is de boog vooral een sportwapen.

embed video plugin powered by Union Development

De uitrusting

Posted in Boogschieten

Als je wil handboogschieten heb je uiteraard een boog nodig.  Er bestaan verschillende types bogen.  De meest gebruikte types zijn recurve (ook wel olympische boog genoemd) en compound bogen (of katrolbogen).
De minder bekende broertjes zijn de Barebow (of blote boog) en de traditionele bogen.
Bogen worden verschillend gebouwd voor rechtshandige en linkshandige schutters.

Daarnaast heb je natuurlijk ook pijlen nodig.  Pijlen bestaan in diverse materialen en kwaliteiten.

Verder heb je ook een aantal accessoires nodig zoals een vizier, drukpunt, pijlsteun, stabilisatie, vingerbescherming, armbescherming, borstbescherming, staander, bogenkoffer, ...

Een tip: ga eerst langs bij een handboogclub vooraleer over te gaan tot de aanschaf van je eigen materiaal.  Daar kan je (al dan niet tegen vergoeding) ervaring opdoen inzake materialen.  Op deze manier kan je eerst ervaren welk type boog, welke trekkracht en welke accessoires je nodig hebt.

De prijs die je voor een complete uitrusting betaalt hangt af of je nieuw materiaal wil, of occasiemateriaal ook volstaat.  Tevens is elk onderdeel in verschillende kwaliteiten beschikbaar.  Een degelijke occasieset kan je wel op de kop tikken voor 300 à 1.000 euro.  Voor nieuw materiaal heb je een uitgebreide keuze, er zijn complete beginnerssets vanaf ongeveer 300 euro. Wil je alles in topkwaliteit, dan kost je dit ongeveer 2.000 à 2.500 euro.  Natuurlijk zijn er tussen deze twee uitersten ook heel wat tussenliggende alternatieven.
Deze aankoop is echter eenmalig en het materiaal kan jarenlang dienst doen.

Schiettechniek

Posted in Boogschieten

Meestal wordt de boog vastgehouden met de hand tegenovergesteld aan het dominante oog. Mensen met een rechts dominant oog houden hun boog in hun linkerhand.
In dit artikel wordt ervan uitgegaan dat het rechtse oog dominant is.  Voor schutters met een linkse dominante oog, gebeurt alles in spiegelbeeld.

Met de rechterhand trekken zij de pees naar zich toe, en plaatsen de vingers aan het gezicht (ankeren). Waar op het gezicht is afhankelijk van de discipline waarin wordt geschoten. De zin hiervan is een steeds reproduceerbare positie te verkrijgen voor ieder schot.

Over het algemeen draagt de schutter bescherming op de linkerarm, zodat de pees niet tegen de onderarm aanknalt. Ook wordt er een vingertab gedragen ter bescherming van de vingers van de rechterhand. Naast de bescherming zorgt dit ook voor een stabielere ankering aan je gezicht.

Compoundschutters dragen geen tab maar een release, een apparaatje waarmee ze de pees pakken en dat door een knopje kan worden gelost. Dit voorkomt rollen van de pees (wat nog wel eens voorkomt bij lossen met de vingers).  Hierdoor verminderd de kans op ernstige losfouten die door de kracht van een compound zeer resoluut worden afgestraft.

Het is belangrijk goed te staan voor het schieten. Je moet zorgen dat je stevig staat en dwars (met de linkerschouder richting het doel) op de pijlrichting. Houd de boog parallel met de grond en plaats de pijl met de nok (inkeping op de achterkant) op de pees. De afwijkende kleur van de veren/fluiten (de vluchtpluim of indexveer) moet naar buiten staan. Trek de pijl naar achteren met 3 vingers.

Trek dan de boog omhoog en richt op het doel. Je hand moet tegen je gezicht zitten. De arm waarin je de boog vasthoudt moet recht zijn. Je linkerhand (de booghand) moet in een stand van 45° staan, zodat de pees na het loslaten de arm niet raakt. De elleboog van de rechterarm moet schuin omhoog gericht zijn. Als je het geel (het midden van het doel of blazoen) door je vizier/over je pijlpunt ziet, blijf je hierop even stilstaan, dan laat je de pees los en blijf je narichten.

Disciplines

Posted in Boogschieten

Hier volgt een onvolledige beschrijving van de verschillende soorten wedstrijden. Geschoten wordt op een blazoen (een ronde schijf met verschillende kleuren) of op dierfiguren.

  • 25 meter 1 pijl = 36 x 1 pijl schieten vanop 25 meter
  • 25 meter 3 pijlen = 24 × 3 pijlen schieten vanop 25 meter
  • indoorschieten: 18 meter, 20 x 3 pijlen.
  • shortmetric: 50 en 30 meter, per afstand 36 pijlen, in reeksen van 3
  • outdoorschieten: (ook wel een FITA-wedstrijd genoemd) dames en jeugd 30, 50, 60 en 70 meter; heren 30, 50, 70 en 90 meter, per afstand 36 pijlen. Er worden ook jeugdFITA's georganiseerd met andere afstanden: 60, 40 en 30 meter.
  • veldschieten: een parkoers van 24 doelen met verschillende afstanden waarbij de helft onbekende afstanden is en de helft bekende afstanden.
  • animalronde: deze doelen zijn meestal gemaakt in de vorm van een afbeelding van een dier op een blazoen. De doelen staan verspreid in bijvoorbeeld een bos of veld over een af te lopen route.
  • 3D-ronde waarbij op 3-dimensionale dieren (van kunststof of andere materialen) wordt geschoten. Meestal 32 doelen.
  • clout: schieten op een "clout" (een cirkel op de grond met een paal in het midden) waarbij afstanden tot 165 meter worden geschoten.
  • ski-arc: zoals de biatlon, maar dan met pijl en boog
  • run archery: een combinatie van hardlopen en handboogschieten.

Naast het schieten op doel bestaat er ook het schieten op de wip. Men onderscheidt hierin twee disciplines. De liggende en de staande wip. In beide disciplines dient de schutter een blokje van een pin te schieten. Hiervoor worden pijlen met een brede top gebruikt.  Deze disciplines staan vaak ook bekend als een sport "achter het café".

De technologische vooruitgang heeft ook in het boogschieten voor veel veranderingen gezorgd. Door het gebruik van kunststof, aluminium, en composietmaterialen zoals koolstofvezel is de boog van vandaag lichter, sterker en accurater dan vroeger.

Soorten bogen

Posted in Boogschieten

Longbow
Een traditionele houten boog die van oorsprong uit Engeland komt. Deze boog is meestal uit één stuk hout gemaakt en hier wordt op de traditionele manier (zonder enige hulp of richtmiddelen) mee geschoten.

Barebow 
Een Recurve boog, zowel een moderne metalen boog met losse latten, als een jachtboog die meestal uit één stuk hout is gemaakt. Bij Barebow spreekt het woord voor zich, en worden er geen hulpmiddelen, zoals een vizier en stabilisatie gebruikt. Met deze manier van schieten wordt er langs de pijl gekeken en zo op het doel gemikt.

Recurveboog
Is een boog die onder de huidige Olympische discipline valt. bij deze bogen wordt veelal gebruik gemaakt van vizieren, stabilisatie en andere hulpmiddelen om zo nauwkeurig mogelijk te schieten.

Compoundboog
Een "hightech" boog met katrollen zodat de pees bij geringere booglengte toch ver kan worden uitgetrokken. Vrijwel altijd is de constructie zodanig dat er tijdens het uittrekken een krachtmaximum (piek) gepasseerd wordt, waardoor de kracht die nodig is bij het richten tot 75% lager is dan de kracht die nodig is om de boog uit te trekken.

Zowel de recurveboog als de compoundboog bestaan meestal uit een stijf middenstuk waarop de flexibele booglatten (werparmen of limbs) worden gemonteerd. Op het middenstuk kunnen naast de handgreep eventueel accessoires als een vizier en stabilisatoren worden geplaatst, ook afhankelijk van de te schieten discipline.

Basistechniek in 10 stappen

Posted in Boogschieten

De basistechniek in het boogschieten is tot 10 stappen te reduceren. Om een goed resultaat te boeken dien je deze stappen ieder schot telkens op een identieke manier uit te voeren.

Stap 1: de stand

  • Zet je tenen tegen de denkbeeldige lijn naar het midden van het doel.
  • Zet je voeten aan weerszijden van de schietlijn.
  • Plaats je voeten op schouderbreedte uit mekaar.
  • Ga ontspannen staan.

Geschiedenis van het boogschieten

Posted in Boogschieten

Prehistorie
Archeologen vermoeden dat zo'n 15.000 jaar geleden de eerste pijl uit een boog wegvloog, maar de oudste harde bewijzen zijn tussen de 10.000 en 11.000 jaar oud. De boog werd waarschijnlijk eerst voor de jacht gebruikt en later als een gevechtswapen. In de prehistorie werd boogschieten op elk continent bedreven (behalve Australië).
 
Klassieke beschavingen
Klassieke beschavingen als de oude Grieken, Romeinen en de Chinezen hadden al enorm veel schutters in hun legers. Pijlen waren zeer destructief tegen grote menigten en het gebruik van schutters kon al snel leiden tot een overwinning. Niet alleen Griekse goden als Apollo maar ook Griekse helden als Odysseus worden vaak afgebeeld met een boog. In de Odyssee wordt beschreven dat Odysseus een boog had die alleen hij kon spannen. Hier wordt de boog dus ook gebruikt als teken van macht en aanzien.
 
Middeleeuwen
In het middeleeuwse Europa steeg de waarde van boogschieten op het slagveld gestaag. De Mongolen, die korte recurve-bogen van composietmaterialen (hoorn en hout) gebruikten, perfectioneerden het boogschieten vanaf de rug van het paard en gebruiken dit om de Aziatische steppen en Oost-Europa te domineren. Ze vuurden terwijl ze het doelwit naderden, draaiden zich om in het zadel en vuurden nog een keer terwijl ze wegreden. De Slag bij Agincourt (1415) staat bekend om de beslissende rol die de longbowschutters daarbij speelden.
 
Ten tijde van de Honderdjarige Oorlog hadden de Engelsen het boogschieten te voet geperfectioneerd. Ze gebruikten een longbow. Schutters werden vanaf de kinderleeftijd getraind.
 
De kruisboog werd erg populair tijdens de middeleeuwen. Het duurde lang om een longbowschutter te trainen en hij moest dan ook nog geregeld blijven oefenen om een goede schietvaardigheid te behouden, terwijl het maar een korte training vergde om goed met een kruisboog te kunnen schieten. De kruisboog was krachtiger maar zwaarder dan de meeste longbows. Het grootste nadeel was het feit dat het vrij lang duurde om de kruisboog te herladen.
 
De introductie van vuurwapens zorgde ervoor dat de boog op het slagveld steeds minder nut kreeg. Een geweer kon zo door een schild heen gaan en vergde weinig training. Vroege vuurwapens waren echter nog lange tijd in feite minder effectief dan een getrainde longbowschutter.
 
Uitrusting
Vroeger hadden de meeste schutters niet meer dan een licht kleed en een helm of lichte muts als bescherming, anderen hadden maliënkolders of andere stukken meegenomen van het slagveld. Ze hadden ook onderarmbescherming, van hetzelfde type als nu ook nog gebruikt wordt.
Een schutter had natuurlijk een longbow, een paar pijlen en een paar extra pezen. Als de slag voorbij was, werden de pijlen opgezocht. Meestal had de schutter ook nog een klein wapen als een dolk bij zich. Ook zijn er veel afbeeldingen uit de (late) middeleeuwen van handboogschutters die een zwaard - of een goedkoper te produceren groot mes (fautsoen) - en een schild (beukelaar) droegen.